Dit is een website van Stimular
Ook van Stichting Stimular: Milieubarometer | MVO-balans | Kansen bij Verkassen | Duurzaam MKB

Gemeentelijke organisatie in 2030 klimaatneutraal

Circa 100 decentrale overheden hebben de Klimaatverklaring ondertekend waarin het streven is opgenomen van een klimaatneutrale eigen organisatie uiterlijk in 2030. Deze routekaart beschrijft het einddoel en de weg er naar toe.

De routekaart is door Klimaatverbond Nederland en Stichtng Stimular ontwikkeld voor de Klimaatcoalitie.
In samenwerking met de deelnemers aan de Klimaatcoalitie wordt de routekaart verder doorontwikkeld.

a. Doelstelling en definitie

Een klimaatneutrale gemeentelijke organisatie heeft de uitstoot van CO2 gereduceerd tot nul. Dit kan door energie te besparen en duurzame energie te gebruiken voor de gebouwen, het vervoer, en de voorzieningen buiten zoalsopenbare verlichting en gemalen.

De uitdaging is om zo veel mogelijk CO2 te reduceren door energiebesparing en inzetten van duurzame energie. De resterende CO2-uitstoot kan gecompenseerd worden.

Lees verder: de definitie van klimaatneutraal en CO2-compensatie

b. Afbakenen en focus bepalen

De klimaatneutraal doelstelling is van toepassing op de volgende onderdelen van de gemeentelijke organisatie:

  • Gemeentelijk vastgoed
  • Voorzieningen buiten (openbare verlichting, riolering en gemalen, verkeersregelinstallaties)
  • Vervoer van personen en voor dienstverlening
  • Facilitaire zaken (denk aan ICT, catering)
  • Uitbesteed werk (denk aan GWW-werken, groenbeheer, afvalinzameling, rioolonderhoud, thuiszorg, leerlingenvervoer)

De invloed van de gemeente verschilt per onderdeel van de gemeentelijke organisatie. Hoe groter de invloed, hoe actiever de rol van de gemeente. Maak per onderdeel een afbakening, bijvoorbeeld door die gebouwen en voertuigen mee te nemen waarvan de gemeente eigenaar is en/of voor het energiegebruik betaalt.

c. Programma en draagvlak

Voor een klimaatneutrale organisatie is draagvlak nodig binnen het college, de raad en bij medewerkers. Voor het behalen van de doelstelling is de actieve betrokkenheid nodig van meerdere afdelingen die invloed hebben op het energiegebruik van de gemeentelijke organisatie. Dit zijn onder andere:

  • Gebouwbeheerders
  • Facilitair managers
  • Medewerkers technische dienst
  • Verantwoordelijken voor voorzieningen buiten
  • Beheerders wagenpark
  • Inkoopco├Ârdinator
  • Communicatiemedewerker

Het is belangrijk dat deze personen en politici worden betrokken bij het opstellen van een programma om tot een klimaatneutrale organisatie te komen, bijvoorbeeld door het instellen van een programmagroep.

Het programma bevat o.a. de volgende onderdelen:

  • Doelstelling en afbakening
  • Benodigde acties zoals:
    • Energiegegevens verzamelen
    • Onderzoeken van opties voor energiebesparing en inzetten duurzame energie per gebouw / activiteit
    • Opnemen CO2-reductie in criteria voor inkoop en aanbestedingen
    • Gedragscampagne organiseren
    • Monitoren van uitvoering van maatregelen en effecten op de CO2-footprint
  • Taakverdeling en begroting om het programma uit te voeren
  • Reservering van budget voor uitvoeren van maatregelen om klimaatneutraal te worden

d. Bepalen impact

Voor de onderdelen met grote invloed worden reductieplannen opgesteld. Dit start met het verzamelen van energiegegevens van de gebouwen, voorzieningen buiten, wagenpark en zakelijke reizen.

Aan de hand van dit energiegebruik kan de CO2-footprint van de gemeentelijke organisatie worden opgesteld. Hiervoor zijn verschillende websites en tools beschikbaar.

Lees verder: benodigde energiegegevens en CO2-footprint opstellen

e. Opties verkennen

Per gebouw of activiteit verkennen de betrokken afdelingen de opties om de CO2-footprint te verkleinen:

  • Energiebesparing: Welke besparende maatregelen zijn (nog) toepasbaar? Hoeveel kan totaal bespaard worden?
  • Duurzame energie opwekken: Welke installaties voor lokaal opwekken van energie zijn toepasbaar? Hoeveel duurzame energie kan daarmee worden opgewekt?
  • Duurzame energie inkopen: Hoeveel CO2-uitstoot resteert nog? Is voldoende duurzame energie beschikbaar (bijv groene stroom, biogas, warmtenet) om aan de resterende energievraag te voldoen?

De investeringen en terugverdientijden van de maatregelen worden in kaart gebracht. Ook het "klimaatgat" (afstand tot de klimaatneutraal doelstelling) wordt vastgesteld.

Lees verder over maatregelen en voorbeelden:

Lees verder: voorbeelden bij facilitaire zaken en uitbesteed werk

f. Borgen en uitvoeren

De maatregelen om klimaatneutraal te worden, worden zoveel mogelijk ingebed in bestaand beleid, o.a.:

  • MeerJarenOnderhoudsPlannen (MJOP's of MOP's) en vastgoedbeleid
  • Onderhoudsplannen voor openbare verlichting, gemalen en verkeersregelinstallaties
  • Wagenparkbeheer
  • Vervoersbeleid voor medewerkers
  • Gedragscampagne
  • Aanbestedingskalender voor nieuwbouw van vastgoed, aankoop van voertuigen, openbare verlichting, gemalen en verkeersregelinstallaties.
    Inkoopcriteria gericht op energiebesparing en duurzame energie
  • Lokale projecten voor energietransitie (WKO, aardwarmte, biogas)
Tip: Gebruik de Leidraad DMOP als hulpmiddel voor het proces

g. Monitoren en verbetercyclus

De monitoring betreft zowel de uitvoering van maatregelen als de effecten op de CO2-footprint. Met een jaarlijkse verbetercyclus (plan-do-check-act) blijft het thema klimaatneutraal op de agenda binnen de organisatie. Monitoren heeft ook tot doel om geplande acties waar nodig bij te stellen en om nieuwe acties te formuleren. Het certificeren van de eigen organisatie op de CO2-Prestatieladder, ISO 14001, ISO 50.001 of een ander managementsysteem kan een effectieve manier zijn om de verbetercyclus te verankeren binnen de werkwijze van de organisatie.

Voor het monitoren van de CO2-uitstoot kan gebruik worden gemaakt van een monitoringsysteem zoals bijvoorbeeld de Milieubarometer in combinatie met de MVO-balans. Daarmee worden de vorderingen ten opzicht van de doelen in kaart gebracht. Behalve de totale CO2-footprint is het raadzaam om ook de vorderingen per organisatieonderdeel zoals bijvoorbeeld gemeentehuis, overig vastgoed, gemalen en openbare verlichting te meten.
Lees verder: Capelle aan den IJssel monitort CO2-uitstoot met MVO-balans

h. Communiceren

Communicatie is cruciaal vanaf het begin tot het einde van deze routekaart. Het is belangrijk om helder te communiceren dat de klimaatneutrale doelstelling is gericht op de eigen organisatie en welke organisatieonderdelen binnen de afbakening vallen. De communicatie over successen is zowel intern als extern gericht. Dit zorgt voor meer draagvlak en motivatie binnen de organisatie. Ook geeft de gemeente zo het goede voorbeeld richting inwoners en bedrijven.

Bronnen: Stichting Stimular en Klimaatverbond